Artikel:

Verkiezingen 2021: leiden nieuwe zorgplannen tot extra belastingheffing?

18 maart 2021

Op 25 februari heeft BDO het rapport ‘Publieke sector: waar komt de regie, waar komt de uitvoering?’ gepubliceerd. In dit rapport analyseren we de verkiezingsprogramma’s van de acht grootste politieke partijen met betrekking tot drie belangrijke thema’s, waaronder de inrichting van het zorgstelsel. Uit deze analyse blijkt dat nagenoeg alle partijen pleiten voor meer samenwerking en meer focus op preventie. De invulling hiervan verschilt echter per partij. Voor een uitgebreidere toelichting verwijzen we u naar het rapport.

In de verschillende verkiezingsprogramma’s wordt echter niet ingegaan op de fiscale aspecten van deze beleidsvoornemens. Zo kunnen deze beleidsmatige speerpunten een grote impact hebben op de heffing van vennootschapsbelasting en btw bij zorginstellingen. Niet zelden hobbelt de fiscale wetgeving namelijk achter de veranderingen in de praktijk aan. Nieuwe vormen van zorg, preventie of samenwerking kunnen daardoor buiten fiscale vrijstellingen vallen, simpelweg omdat daar niet eerder over is nagedacht.

Zorgvrijstelling

In de vennootschapsbelasting is een zogenoemde ‘zorgvrijstelling’ opgenomen. Een van de voorwaarden voor de toepassing van deze vrijstelling is dat de activiteiten van een instelling voor minimaal 90% fiscaal als ‘zorg’ kwalificeren. In de vennootschapsbelasting wordt het begrip zorg beperkt uitgelegd. Dit betekent dat sprake moet zijn van ‘handen aan het bed’. Preventie kwalificeert enkel als ‘zorg’ indien sprake is van:

  1. geïndiceerde en zorggerelateerde preventiewerkzaamheden die plaatsvinden in het kader van de behandeling van medische klachten of aandoeningen en die zijn opgenomen in het basispakket van de Zvw; of
  2. zorggerelateerde en geïndiceerde preventie die plaatsvindt op grond van de Wlz.

Samenwerken in de zorg

Ook samenwerking met andere zorgaanbieders kan leiden tot meer ‘niet-zorgactiviteiten’. Zo kwalificeert het (al dan niet tijdelijk) detacheren van personeel of bijvoorbeeld samenwerking door het delen van een backoffice (het leveren van administratieve ondersteuning) in de meeste gevallen niet als zorg voor de vennootschapsbelasting. De vraag is dan ook hoe hier mee om te gaan. Al dan niet in samenhang met de bestaande niet-zorgactiviteiten (die de afgelopen jaren in veel gevallen al zijn gegroeid, denk hierbij bijvoorbeeld aan dure geneesmiddelen) zouden deze nieuwe beleidsvoornemens kunnen leiden tot verlies van de zorgvrijstelling met heffing van vennootschapsbelasting tot gevolg, afhankelijk van hoe daar in de toetsing mee om wordt gegaan.

Ongewenste btw-uitdagingen

De vaak trage respons vanuit fiscale wetgeving op ontwikkelingen in de zorg leidt regelmatig tot ongewenste btw-uitdagingen. Een voorbeeld hiervan is de ‘nieuwe’ bekostigingsvorm in de multidisciplinaire eerstelijnszorg van patiënten met chronische aandoeningen die in 2010 werd ingevoerd. Zorggroepen en gezondheidscentra hebben over een deel van deze keten-bekostiging soms zelfs zes jaren btw moeten voldoen tot eindelijk per 1 januari 2016 een btw-vrijstelling van kracht werd. Inmiddels is de bekostiging alweer aangepast en roept dat weer nieuwe vragen op. Verder geldt dat samenwerking en uitlenen van personeel voor de btw altijd aandacht behoeven om kostenverhogende btw te voorkomen.

Oproep aan formerende partijen

Wij roepen de partijen in de kabinetsformatie op om bij het maken van de plannen voor de zorg ook rekening te houden met de fiscale gevolgen hiervan. Op die manier worden financiële problemen voorkomen voor de instellingen die zo hard nodig zijn voor de uitvoering van het beleid .

Meer informatie in de BDO-verkiezingsanalyse

Wilt u meer informatie over de inhoud van de verkiezingsprogramma’s met betrekking tot de publieke sector? Download dan ons rapport ‘Publieke sector: waar komt de regie? Waar komt de uitvoering?’ waarin we de verkiezingsprogramma’s van de acht grootste politieke partijen hebben geanalyseerd met betrekking tot een drietal belangrijke thema’s, waaronder het thema ‘Zorg: van marktwerking naar samenwerking?


OPEN ANALYSERAPPORT