Artikel:

Brexit en voorraad op afroep

08 juni 2021

Door de brexit is het Verenigd Koninkrijk geen EU-land meer en is de EU-regeling 'voorraad op afroep btw' voor het Verenigd Koninkrijk per 1 januari 2021 komen te vervallen. Vanwege praktische redenen heeft de Nederlandse Staatssecretaris onlangs een nadere toelichting gegeven over de toepassing van de regeling voorraad op afroep in geval goederen nog vóór 1 januari 2021 zijn overgebracht van Nederland naar het Verenigd Koninkrijk of andersom.

Doet u zaken met het Verenigd Koninkrijk en zijn er goederen met toepassing van deze regeling uiterlijk op 31 december 2020 van Nederland naar het Verenigd Koninkrijk of andersom overgebracht? Dan blijft de regeling voorraad op afroep van toepassing voor deze goederen, mits binnen twaalf maanden wordt geleverd of teruggezonden. Let op, want hier kleven administratieve en douane-technische gevolgen aan voor uw onderneming. In dit artikel brengen wij deze in kaart aan de hand van de verschillende situaties die de Staatssecretaris schetst. Ook delen we hoe het Verenigd Koninkrijk met de situatie omgaat.

De regeling voorraad op afroep

Sinds 1 januari 2020 geldt binnen de hele EU een regeling voor voorraad op afroep binnen de btw. Wanneer goederen worden overgebracht van de ene naar de andere EU-lidstaat ten behoeve van een bekende afnemer (maar nog zonder dat deze geleverd worden aan die afnemer) dan kan – onder voorwaarden – het aangeven van een fictieve intracommunautaire levering en verwerving achterwege blijven. Pas als de afnemer de goederen aan de voorraad onttrekt, moet de leverancier een intracommunautaire levering aangeven in de EU-lidstaat van vertrek en de afnemer een intracommunautaire verwerving in het EU-lidstaat van aankomst van de goederen. De regeling voorkomt een btw-registratie van de leverancier in de EU-lidstaat van de afnemer. Voor meer informatie verwijzen wij u naar dit artikel

Vanuit het Verenigd Koninkrijk naar Nederland

Wanneer goederen vóór 1 januari 2021 zijn overgebracht van het Verenigd Koninkrijk naar Nederland onder de regeling voorraad op afroep, heeft de Staatssecretaris voor twee situaties een toelichting opgenomen.

1. De goederen zijn vanuit het Verenigd Koninkrijk naar Nederland overgebracht en worden na 31 december 2020 binnen 12 maanden geleverd aan de afnemer.

  • De Nederlandse afnemer geeft in zijn aangifte een intracommunautaire verwerving aan en vermeldt de goederen in zijn voorraad op afroep-register.

2. De goederen zijn vanuit het Verenigd Koninkrijk naar Nederland overgebracht en worden na 31 december 2020 binnen 12 maanden teruggezonden naar het Verenigd Koninkrijk.

  • De beoogde Nederlandse afnemer (aan wie de goederen dus uiteindelijk niet worden geleverd) neemt de terugzending op in zijn voorraad op afroep-register. 
  • Voor de leverancier uit het Verenigd Koninkrijk is sprake van een uitvoer in Nederland en vervolgens een invoer in het Verenigd Koninkrijk. 

Vanuit Nederland naar het Verenigd Koninkrijk

Ook wanneer goederen vóór 1 januari 2021 zijn overgebracht van Nederland naar het Verenigd Koninkrijk onder de regeling voor voorraad op afroep kunnen zich btw-vraagstukken voordoen. De Staatssecretaris heeft voor twee situaties  een nadere toelichting gegeven. 

1. De goederen zijn vanuit Nederland naar het Verenigd Koninkrijk overgebracht en worden na 31 december 2020 binnen 12 maanden geleverd.

  • Op het moment van onttrekking uit de voorraad moet de Nederlandse ondernemer op basis van de regeling voor voorraad op afroep een intracommunautaire levering aangeven in zijn btw-aangifte en Opgaaf ICP. Door de brexit is het niet meer mogelijk om in de Opgaaf ICP een btw-identificatienummer van een ondernemer uit het Verenigd Koninkrijk op te nemen. Om deze reden hoeft de leverancier volgens de Staatssecretaris geen intracommunautaire levering aan te geven in rubriek 3b van de aangifte en de levering ook niet te vermelden in de Opgaaf ICP. De leverancier moet de levering wel opnemen in het voorraad-op-afroep-register en mag deze als hij wil aangeven in de rubriek 1e van de btw-aangifte. 

2. De goederen zijn vanuit Nederland naar het Verenigd Koninkrijk overgebracht en worden na 31 december 2020 binnen 12 maanden teruggezonden.

  • Voor de leverancier is in dit geval sprake van een uitvoer vanuit het Verenigd Koninkrijk en een invoer in Nederland. De invoer mag voor de btw worden aangemerkt als een wederinvoer van goederen. Deze hoeft niet te worden opgenomen in de Opgaaf ICP van de leverancier. De leverancier neemt de terugzending op in zijn voorraad-op-afroep-register én maakt voor de aangifte tot wederinvoer bij de douane gebruik van specifieke vervoersdocumenten (CMR-brief of Bill of Lading).

Vanuit douaneperspectief, is sprake van terugkerende goederen, indien dezelfde goederen in ongewijzigde staat worden teruggezonden. Het is mogelijk om middels deze regeling een vrijstelling voor invoerrechten aan te vragen. Er zal echter nog steeds een aangifte gedaan moeten worden bij de douane. 

Btw-behandeling in het Verenigd Koninkrijk

Goederen die vóór brexit in het kader van de regeling voorraad op afroep naar of vanuit het Verenigd Koninkrijk zijn vervoerd, zullen vanuit het oogpunt van de btw in het Verenigd Koninkrijk tot het einde van de periode van 12 maanden onder de btw-regels van de EU blijven vallen, op grond van de overgangsregeling van de Britse belastingdienst. De Britse belastingdienst volgt hierbij de richtsnoeren van het btw-comité waarop ook de Staatssecretaris zijn visie voor Nederland baseert.

Meer weten?

Heeft u vragen over de btw-gevolgen van de brexit voor de regeling voorraad op afroep en hoe daarmee om moet worden gegaan? Neem dan contact op met een van onze adviseurs. Wij helpen u graag!