Verkopen van een vennootschap of toch maar de stenen?

In maart heeft de Hoge Raad arrest gewezen in een casus waarbij belanghebbende een dotatie aan de HIR (herinvesteringsreserve) wilde doen. Om de uitkomst alvast te verklappen: de Hoge Raad oordeelde dat dat niet kon.

Herinvesteringsreserve

De meesten van u zullen wel weten wat de HIR inhoudt, maar voor alle zekerheid: indien een ondernemer een bedrijfsmiddel verkoopt en daar fiscaal winst mee behaalt, mag hij die winst doteren aan de HIR. Hierdoor is meer geld beschikbaar om een vervangend bedrijfsmiddel te kopen omdat nog geen belasting hoeft te worden betaald over de gerealiseerde verkoopwinst. Natuurlijk zijn aan die faciliteit enkele voorwaarden verbonden, die laat ik hier onbesproken.

De casus

Belanghebbende betreft een fiscale eenheid voor de vennootschapsbelasting, bestaande uit een moedervennootschap en twee dochtervennootschappen. In 2007 heeft Dochter 1 een verhuurd pand verkocht aan Dochter 2. Omdat deze verkoop plaatsvond binnen de fiscale eenheid hoeft geen belasting te worden betaald over de winst van € 2,5 miljoen. Na enige tijd geeft de huurder van het pand aan dat hij het pand wil kopen. In 2010 wordt niet het pand zelf verkocht, maar de aandelen in Dochter 2. Door deze verkoop wordt de fiscale eenheid ten aanzien van Dochter 2 verbroken zodat het overblijvend deel van de fiscale eenheid alsnog vennootschapsbelasting moet betalen over de winst van €2,5 miljoen uit 2007.

Belanghebbende wenst deze winst echter te doteren aan de HIR om die vervolgens in mindering te brengen op een in 2011 aangekocht vervangend pand.

Stelling van belanghebbende

Belanghebbende stelt dat hij een fiscale winst heeft gerealiseerd van € 2,5 miljoen. Belanghebbende heeft deze winst berekend door de boekwaarde van het pand volgens de overnamebalans, waarop alle activa en passiva zijn gewaardeerd tegen de waarde in het economisch verkeer, te verminderen met de fiscale boekwaarden op moment van verkoop.

NB: voor de casus niet relevant, maar dat standpunt van belanghebbende is uitzonderlijk. Ten gevolge van de ontvoeging uit de fiscale eenheid is belasting verschuldigd over het verschil tussen de fiscale boekwaarde en de werkelijke waarde op moment van de transactie in 2007, niet over het verschil op het moment van ontvoeging. Maar blijkbaar is zowel de waarde van het pand als de fiscale boekwaarde ervan sinds 2007 niet veranderd.

De inspecteur

De inspecteur is van mening dat geen sprake is van een verkoopwinst, maar van een herwaarderingswinst en dat voor een herwaarderingswinst geen HIR kan worden gevormd. De verkoop van aandelen in een vennootschap kan voor de vorming van een HIR niet op één lijn worden gesteld met de verkoop van het activum zelf.

De Hoge Raad

Ik ga u niet verder vervelen met de fiscaal technische overwegingen van de Hoge Raad, maar zoals in de inleiding al aangegeven: de Hoge Raad besliste dat de inspecteur gelijk had. Er mag niet worden gedoteerd aan de HIR.

Aandelen of het pand verkopen; wat is handig?

Zoals u weet kan het in sommige gevallen voordeliger zijn om aandelen in een vennootschap te verkopen in plaats van het pand zelf. Zoals in deze casus duidelijk naar voren komt, zijn er ook gevallen waarbij het beter is om wel het pand te verkopen en niet de aandelen van de bezitter. Dus als u voornemens bent om een onroerende zaak te verkopen, neem even contact op om te overleggen met uw adviseur hoe u de transactie het best vorm kunt geven. En zoals u weet spelen daarbij bij onroerende zaken meer belastingen een rol dan alleen de vennootschapsbelasting.

Op de hoogte blijven?

BDO brengt regelmatig publicaties uit en organiseert evenementen over relevante thema’s in de bouw- & vastgoedbranche. Wilt u op de hoogte blijven? Wij reiken deze perspectieven graag aan.

Aanmelden e-mail nieuwsbrief