Vormgeving ATAD-vrijstelling woningcorporaties

Artikel

Gepubliceerd: 

De woningcorporatiesector wordt hard geraakt door de zogenoemde ‘generieke renteaftrekbeperking’ uit ATAD1. Op basis van deze regeling zijn de netto rentelasten slechts aftrekbaar tot 24,5% van de ‘gecorrigeerde winst’ (fiscale EBITDA), met een minimum van € 1 miljoen. Afgelopen Prinsjesdag heeft het kabinet aangekondigd in een zogenoemde ‘Nota van Wijziging’ een vrijstelling van de generieke renteaftrekbeperking uit ATAD1 voor woningcorporaties te introduceren. Op 9 oktober is deze Nota van Wijziging gepubliceerd.

Vrijstelling voor woningcorporaties

Het kabinet stelt voor om de renteaftrekbeperking niet langer van toepassing te laten zijn op de DAEB-activiteiten van corporaties. Concreet betekent dit dat zowel de hieraan toerekenbare gecorrigeerde winst als de toerekenbare netto rentelasten worden geëlimineerd bij de berekening van de niet-aftrekbare rente. Voor wat betreft het ‘DAEB-begrip’ wordt aangesloten bij de Woningwet. Dit betekent dat de per 1 juli 2028 voorgenomen uitbreiding van het DAEB-begrip met betaalbare huisvesting (middenhuur) direct doorwerkt in deze regeling. Zeker na deze verruiming verwachten we dat het aan de niet-DAEB-activiteiten toerekenbare rentelasten in de meeste gevallen onder de € 1 miljoen blijven, waardoor de corporaties niet langer worden geraakt door de renteaftrekbeperking.

Verrekening van voortgewentelde rente

Als rente in een bepaald jaar niet aftrekbaar is, kan deze worden ‘voortgewenteld’. De rente komt vervolgens in een later jaar alsnog in aftrek als de renteaftrekcapaciteit in dat jaar hoger is dan de netto-rentelasten. Het was de vraag hoe om te gaan met deze voortgewentelde rente. In de nota van wijziging wordt voorgesteld om voor de berekening van mogelijke verrekening van voortgewentelde rente de oude systematiek te hanteren. Dit betekent dat in deze berekening wel rekening wordt gehouden met de netto-rentelasten en de gecorrigeerde fiscale winst toerekenbaar aan de DAEB-activiteiten.

Administratieve verwerking

Concreet betekent dit dat jaarlijks twee berekeningen moeten worden gedaan. Allereerst dient de impact van de renteaftrekbeperking op de rentelasten in het jaar te worden berekend met eliminatie van de DAEB-activiteiten. Vervolgens dient zonder deze eliminatie te worden beoordeeld of voortgewentelde rente alsnog in aftrek kan worden gebracht. Schematisch kan dit als volgt worden weergegeven:

  Huidige systematiek Voorgestelde systematiek vanaf 2028 Voort te wentelen rente
Saldo aan renten Totaal saldo aan renten Alleen saldo aan renten toerekenbaar aan niet-DAEB Totaal saldo aan renten
Gecorrigeerde winst Totale gecorrigeerde winst Alleen gecorrigeerde winst toerekenbaar aan niet-DAEB Totale gecorrigeerde winst
Aftrekruimte
* o.b.v. huidige regeling (2026)
Hoogste van 24,5% van de gecorrigeerde winst of € 1 miljoen* Hoogste van 24,5% van de niet-DAEB gecorrigeerde winst of € 1 miljoen* Hoogste van 24,5% van de totale gecorrigeerde winst of € 1 miljoen*
Toepassing renteaftrekbeperking Op het volledige saldo aan renten Alleen op het aan niet-DAEB toerekenbare saldo aan renten Bepaling van de ruimte voor verrekening van voort te wentelen rente
DAEB-rente Kan worden geraakt door ATAD1 Volledig buiten ATAD1 Telt mee bij de berekening van de ruimte

Afsluiting

Naar verwachting gaat de voorgestelde wijziging, mits door beide Kamers aangenomen, in per 1 januari 2028. In de toelichting is echter nog wel een ‘maar’ opgenomen. Het kabinet treedt nog in overleg met de Europese Commissie om (informeel) vast te stellen dat geen sprake is van ongeoorloofde staatssteun. Zonder deze vaststelling zal de voorgenomen vrijstelling niet in werking treden.

Als dit voorstel wordt aangenomen en de vrijstelling daadwerkelijk in werking treedt per 2028 adviseren we om kritisch te beoordelen of er optimalisatiemogelijkheden zijn voor, met name, boekjaar 2027. Vanuit fiscaal perspectief kan het namelijk aantrekkelijk zijn om resultaten ‘naar voren te halen’ om zo in 2027 nog te kunnen profiteren van extra renteaftrekcapaciteit. Uiteraard denken wij hierbij graag met u mee.

Auteur(s)