Nieuw wetsvoorstel voor de Wlz maakt vertegenwoordigingsregels in de zorg eenvoudiger
Nieuw wetsvoorstel voor de Wlz maakt vertegenwoordigingsregels in de zorg eenvoudiger
De regels over vertegenwoordiging van een patiënt zijn best complex. Wanneer is iemand een officiële vertegenwoordiger en wanneer alleen een contactpersoon? Mag een gevolmachtigde een patiëntdossier inzien? Wanneer is iemand nog wilsbekwaam en wanneer is een vertegenwoordiger nodig?
Deze complexiteit speelt ook al jaren rondom de aanvraag van een indicatie voor langdurige zorg bij het CIZ. Nu is er een wetsvoorstel in voorbereiding die die aanvraag voor naasten makkelijker moet maken: ‘Wijziging van de Wet langdurige zorg in verband met de aanvraag van een Wlz-indicatie door familie’. In dit artikel duiden we dit wetsvoorstel en gaan we kort in op het juridisch kader van vertegenwoordiging van patiënten.
Er zijn verschillende typen vertegenwoordigers. De rechtbank kan een vertegenwoordiger aanwijzen. Dat kan een bewindvoerder zijn voor financiële zaken en/of een mentor voor persoonlijke beslissingen. Curatele is de meest verstrekkende vorm van vertegenwoordiging, waarbij een persoon handelingsonbekwaam wordt en de curator in beginsel alle beslissingen neemt.
Verder kan er sprake zijn van een gevolmachtigde. In een volmacht kan opgeschreven worden dat een ander persoon in bepaalde situaties bepaalde beslissingen mag nemen. Dat kan ook gaan over zorgbeslissingen. De inhoud van de volmacht is hiervoor leidend.
Als er niets geregeld is en iemand kan toch niet zelf beslissen, dan is de WGBO opgenomen dat de partner, en als die ontbreekt/niets doet, een ouder, kind, broer, zus, grotouder of kleinkind, de vertegenwoordigingsrol op zich neemt. Dan beslist die persoon in beginsel dus voor de patiënt. Dit is een soort ‘rest’categorie in de WGBO.
Vertegenwoordiging speelt ook bij kinderen en jongeren, waarbij ouders of een voogd de vertegenwoordigingsrol op zich nemen. Het is afhankelijk van de leeftijd welke rol het kind zelf heeft en welke rol de ouder heeft.
Rondom het thema vertegenwoordiging kunnen allerlei zaken spelen. Soms zijn er verschillen van mening over de zorg (wel of niet toedienen van medicatie bijvoorbeeld) of is niet duidelijk wat de bevoegdheden zijn van een vertegenwoordiger. Bijkomende complexiteit is dat niet alle gezondheidsrechtelijke wetten op elkaar aansluiten op dit gebied.
Het genoemde wetsvoorstel wil hier verandering in brengen. Als dit wetsvoorstel wordt aangenomen kunnen naasten bij wilsonbekwaamheid ook de Wlz-aanvraag indienen. Dit gaat in de eerste plaats om de partner en als die er niet is of niet optreedt, een ouder, kind, broer, zus, grootouder of kleinkind van de verzekerde. Daarmee wordt de WGBO op dit punt gelijkgetrokken aan de Wlz en dat zorgt ook voor meer duidelijkheid.
Of dit wetsvoorstel doorgang vindt, is afwachten. Het moet nog worden behandeld in het parlement.
Neem contact op
Deze complexiteit speelt ook al jaren rondom de aanvraag van een indicatie voor langdurige zorg bij het CIZ. Nu is er een wetsvoorstel in voorbereiding die die aanvraag voor naasten makkelijker moet maken: ‘Wijziging van de Wet langdurige zorg in verband met de aanvraag van een Wlz-indicatie door familie’. In dit artikel duiden we dit wetsvoorstel en gaan we kort in op het juridisch kader van vertegenwoordiging van patiënten.
Vertegenwoordiging
Soms is iemand niet (meer) in staat zijn eigen beslissingen te nemen. Bijvoorbeeld door een tijdelijke situatie of door een geestesziekte. Dit maakt uit voor de zorgverlening aan die persoon. Als iemand wilsonbekwaam is terzake een bepaalde beslissing moet er namelijk een vertegenwoordiger zijn. Dit is o.a. geregeld in de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst (WGBO).Er zijn verschillende typen vertegenwoordigers. De rechtbank kan een vertegenwoordiger aanwijzen. Dat kan een bewindvoerder zijn voor financiële zaken en/of een mentor voor persoonlijke beslissingen. Curatele is de meest verstrekkende vorm van vertegenwoordiging, waarbij een persoon handelingsonbekwaam wordt en de curator in beginsel alle beslissingen neemt.
Verder kan er sprake zijn van een gevolmachtigde. In een volmacht kan opgeschreven worden dat een ander persoon in bepaalde situaties bepaalde beslissingen mag nemen. Dat kan ook gaan over zorgbeslissingen. De inhoud van de volmacht is hiervoor leidend.
Als er niets geregeld is en iemand kan toch niet zelf beslissen, dan is de WGBO opgenomen dat de partner, en als die ontbreekt/niets doet, een ouder, kind, broer, zus, grotouder of kleinkind, de vertegenwoordigingsrol op zich neemt. Dan beslist die persoon in beginsel dus voor de patiënt. Dit is een soort ‘rest’categorie in de WGBO.
Vertegenwoordiging speelt ook bij kinderen en jongeren, waarbij ouders of een voogd de vertegenwoordigingsrol op zich nemen. Het is afhankelijk van de leeftijd welke rol het kind zelf heeft en welke rol de ouder heeft.
Rondom het thema vertegenwoordiging kunnen allerlei zaken spelen. Soms zijn er verschillen van mening over de zorg (wel of niet toedienen van medicatie bijvoorbeeld) of is niet duidelijk wat de bevoegdheden zijn van een vertegenwoordiger. Bijkomende complexiteit is dat niet alle gezondheidsrechtelijke wetten op elkaar aansluiten op dit gebied.
Wet langdurige zorg
Om voor langdurige zorg in aanmerking te komen, is een indicatie van het CIZ nodig. In de Wlz is momenteel geregeld dat een vertegenwoordiger of een gemachtigde een Wlz-indicatie kan aanvragen voor iemand die wilsonbekwaam is. Daar is geen restcategorie in opgenomen, zoals wel het geval is in de WGBO. Gevolg is dat, als een verzekerde hier zelf niet meer toe in staat is, en er geen wettelijk vertegenwoordiger zoals een mentor of schriftelijk gemachtigde is, de Wlz-aanvraag niet gedaan kan worden.Het genoemde wetsvoorstel wil hier verandering in brengen. Als dit wetsvoorstel wordt aangenomen kunnen naasten bij wilsonbekwaamheid ook de Wlz-aanvraag indienen. Dit gaat in de eerste plaats om de partner en als die er niet is of niet optreedt, een ouder, kind, broer, zus, grootouder of kleinkind van de verzekerde. Daarmee wordt de WGBO op dit punt gelijkgetrokken aan de Wlz en dat zorgt ook voor meer duidelijkheid.
Of dit wetsvoorstel doorgang vindt, is afwachten. Het moet nog worden behandeld in het parlement.
Tot slot
Zorgorganisaties hebben te maken met vertegenwoordiging van hun patiënten of cliënten. Er kunnen zich complexe situaties voordoen in de praktijk en wetgeving kan ook tot onduidelijkheid leiden. Het is afwachten of het genoemde wetsvoorstel wordt aangenomen en voor meer duidelijkheid op dit gebied gaat zorgen in de Wlz-aanvraag.Neem contact op

