De onderaannemer in de zorg: wat zijn de juridische verplichtingen?
De onderaannemer in de zorg: wat zijn de juridische verplichtingen?
Voor onderaannemers kan het soms complex zijn te bepalen welke regelgeving in de zorg wel en niet geldt. Sommige wetten zijn namelijk wel integraal van toepassing en andere niet. Dit maakt bijvoorbeeld uit voor de eigen risico’s als onderaannemer, maar ook voor de verhouding met de hoofdaannemer. In dit artikel de belangrijkste verplichtingen voor onderaannemers en wat tips.
Voor onderaannemers geldt de meldplicht, maar de andere verplichtingen gelden alleen in specifieke gevallen.
De vergunningsplicht geldt voor een onderaannemer als sprake is van een hoofdaannemer die zelf geen zorg verleent. Dat wordt een lege huls genoemd. De verplichting tot het instellen van een toezichthoudend orgaan is gekoppeld aan de vergunningsplicht. Als de vergunningsplicht niet geldt, dan is er op grond van de Wtza ook geen verplichting tot het instellen van een toezichthoudend orgaan. Bij een toepasselijke vergunningsplicht, is een interne toezichthouder nodig als sprake is van zorg met verblijf, medisch specialistische zorg en persoonlijke verzorging, begeleiding of verpleging, vanaf 11 zorgverleners, en bij overige (ambulante) zorg geldt deze verplichting vanaf 51 zorgverleners. Die verplichting kan dus ook voor een onderaannemer gelden als deze alle zorg verleent voor een ‘lege huls’.
Ook voor de jaarverantwoording geldt dat deze niet altijd van toepassing is op een onderaannemer en dat het veel uitmaakt van welk type zorg/hulp sprake is en ook wat de grootte van de organisatie is. Op dit onderdeel zal voor geval tot geval gekeken moeten worden welke verplichtingen van toepassing zijn.
Ook voor onderaannemers geldt dus dat zij aan de Wmcz moeten voldoen en een cliëntenraad moeten instellen als sprake is van:
Voor de onderaannemer is de Wkkgz kort gezegd wel van toepassing als deze is ingeschakeld door een lege huls. Als de hoofdaannemer zelf ook zorg verleent, dan is de Wkkgz niet van toepassing op de onderaannemer, tenzij de onderaannemer ook zelf hoofdaannemer is van delen van de zorgverlening. Het is meestal wel zo dat de hoofdaannemer de onderaannemer via de onderlinge overeenkomst verplicht stelt zich aan de Wkkgz te houden.
Voor de hoofd- onderaannemerssituatie is in de Wkkgz een belangrijke verplichting opgenomen, namelijk dat er een schriftelijke overeenkomst tussen hoofd- en onderaannemer moet zijn. Ook is van belang dat goed wordt vastgelegd wat er geldt bij klachten en geschillen vanuit de cliënt/patiënt. Dit is ook van belang als er binnen een groep zorgverlening wordt uitbesteed.
Goed om te weten is dat in de Jeugdwet ook allerlei kwaliteitsverplichtingen zijn opgenomen die gelden voor gecertificeerde instellingen en jeugdhulpaanbieders, die grotendeels gelijk zijn aan de Wkkgz. Echter, het onderscheid dat wordt gemaakt in de Wkkgz voor onderaannemers, staat in de Jeugdwet niet. De Jeugdwet is onverkort van toepassing op onderaannemers, dus ook de verplichtingen op het gebied van kwaliteit die daarin zijn opgenomen.
Zo moeten onderaannemers zich wel altijd melden bij het CIBG (meldplicht Wtza) en moeten ook voldoen aan de Wmcz en Jeugdwet (als sprake is van jeugdhulp). Daartegenover staat dat de vergunningsplicht (Wtza), de interne toezichtsplicht (Wtza) en de verplichtingen uit de Wkkgz niet altijd voor onderaannemers gelden. Dit moet goed worden nagegaan.
Wij raden aan in ieder geval in kaart te brengen of de hoofdaannemer zelf ook zorg verleent of alles uitbesteed (lege huls). Dat maakt veel uit. Ook raden wij aan de afspraken met een hoofdaannemer in een goede schriftelijke overeenkomst vast te leggen.
Neem contact op
Wat is de onderaannemer?
Een onderaannemer is de zorgaanbieder die niet zelf met een zorgfinancier voor het verlenen van zorg contracten sluit, maar met een hoofdaannemer. De hoofdaannemer heeft een overeenkomst met een zorgverzekeraar, zorgkantoor en/of gemeente voor het verlenen van zorg en besteed deze zorgverlening geheel of gedeeltelijk uit aan de onderaannemer. Ook in een groep kan sprake zijn van onderaanneming als de overeengekomen zorgverlening binnen de groep wordt uitbesteed aan een andere entiteit.Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza)
De Wtza geeft een meldplicht, vergunningsplicht en een verplichting tot het instellen van een interne toezichthouder, alsmede de jaarverantwoordingsplicht.Voor onderaannemers geldt de meldplicht, maar de andere verplichtingen gelden alleen in specifieke gevallen.
De vergunningsplicht geldt voor een onderaannemer als sprake is van een hoofdaannemer die zelf geen zorg verleent. Dat wordt een lege huls genoemd. De verplichting tot het instellen van een toezichthoudend orgaan is gekoppeld aan de vergunningsplicht. Als de vergunningsplicht niet geldt, dan is er op grond van de Wtza ook geen verplichting tot het instellen van een toezichthoudend orgaan. Bij een toepasselijke vergunningsplicht, is een interne toezichthouder nodig als sprake is van zorg met verblijf, medisch specialistische zorg en persoonlijke verzorging, begeleiding of verpleging, vanaf 11 zorgverleners, en bij overige (ambulante) zorg geldt deze verplichting vanaf 51 zorgverleners. Die verplichting kan dus ook voor een onderaannemer gelden als deze alle zorg verleent voor een ‘lege huls’.
Ook voor de jaarverantwoording geldt dat deze niet altijd van toepassing is op een onderaannemer en dat het veel uitmaakt van welk type zorg/hulp sprake is en ook wat de grootte van de organisatie is. Op dit onderdeel zal voor geval tot geval gekeken moeten worden welke verplichtingen van toepassing zijn.
Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen 2018 (Wmcz)
De Wmcz is ook van toepassing op onderaannemers in de Zvw-zorg, Wlz-zorg en Jeugdzorg. Anders dan de Wkkgz, maakt de Wmcz geen onderscheid tussen een hoofd- en onderaannemer.Ook voor onderaannemers geldt dus dat zij aan de Wmcz moeten voldoen en een cliëntenraad moeten instellen als sprake is van:
- zorg met verblijf, en/of zorg door medisch specialisten, en/of persoonlijke verzorging, begeleiding of verpleging (Wlz/Zvw), met meer dan 10 personen;
- andere vormen van zorg (ambulant) met meer dan 25 personen.
Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz)
In de Wkkgz zijn verplichtingen op het gebied van kwaliteit opgenomen, zoals een vergewisplicht, een VOG verplichting, kwaliteitssysteem etc. Daarbij komen de verplichtingen die zien op de situatie van klachten en geschillen als ook verplichtingen met betrekking tot incidenten en calamiteiten.Voor de onderaannemer is de Wkkgz kort gezegd wel van toepassing als deze is ingeschakeld door een lege huls. Als de hoofdaannemer zelf ook zorg verleent, dan is de Wkkgz niet van toepassing op de onderaannemer, tenzij de onderaannemer ook zelf hoofdaannemer is van delen van de zorgverlening. Het is meestal wel zo dat de hoofdaannemer de onderaannemer via de onderlinge overeenkomst verplicht stelt zich aan de Wkkgz te houden.
Voor de hoofd- onderaannemerssituatie is in de Wkkgz een belangrijke verplichting opgenomen, namelijk dat er een schriftelijke overeenkomst tussen hoofd- en onderaannemer moet zijn. Ook is van belang dat goed wordt vastgelegd wat er geldt bij klachten en geschillen vanuit de cliënt/patiënt. Dit is ook van belang als er binnen een groep zorgverlening wordt uitbesteed.
Goed om te weten is dat in de Jeugdwet ook allerlei kwaliteitsverplichtingen zijn opgenomen die gelden voor gecertificeerde instellingen en jeugdhulpaanbieders, die grotendeels gelijk zijn aan de Wkkgz. Echter, het onderscheid dat wordt gemaakt in de Wkkgz voor onderaannemers, staat in de Jeugdwet niet. De Jeugdwet is onverkort van toepassing op onderaannemers, dus ook de verplichtingen op het gebied van kwaliteit die daarin zijn opgenomen.
In het kort en tips
Zorgaanbieders die alleen als onderaannemer werken, hebben een bijzondere positie. Het is niet zo dat de zorgspecifieke regelgeving alleen voor hoofdaannemers geldt; soms ook voor onderaannemers. Maar, de onderaannemer moet goed nagaan welke wettelijke verplichtingen gelden en welke niet. Zoals gezegd, geldt dit ook als er binnen een groep zorg wordt uitbesteed.Zo moeten onderaannemers zich wel altijd melden bij het CIBG (meldplicht Wtza) en moeten ook voldoen aan de Wmcz en Jeugdwet (als sprake is van jeugdhulp). Daartegenover staat dat de vergunningsplicht (Wtza), de interne toezichtsplicht (Wtza) en de verplichtingen uit de Wkkgz niet altijd voor onderaannemers gelden. Dit moet goed worden nagegaan.
Wij raden aan in ieder geval in kaart te brengen of de hoofdaannemer zelf ook zorg verleent of alles uitbesteed (lege huls). Dat maakt veel uit. Ook raden wij aan de afspraken met een hoofdaannemer in een goede schriftelijke overeenkomst vast te leggen.
Neem contact op

