Loonheffingen 2026: twee wijzigingen die werkgevers moeten kennen
Loonheffingen 2026: twee wijzigingen die werkgevers moeten kennen
Recent zijn twee wijzigingen in de loonheffingen aangekondigd. Hieronder lichten wij deze wijzigingen inhoudelijk toe.
Let op: dit is een fiscale maatregel. Werkgevers zijn niet verplicht een hogere netto kilometervergoeding te betalen. Als werkgevers echter een hogere vergoeding betalen, kan dat door de verhoogde gerichte vrijstelling tot maximaal € 0,02 per zakelijk gereisde kilometer zonder inhouding van loonheffingen.
De Belastingdienst heeft in een bericht op de website aangegeven hoe de verhoging van € 0,02 met terugwerkende kracht verwerkt dient te worden in de salarisadministratie. Uit de toelichting valt op te maken dat de terugwerkende kracht ruimhartig kan worden toegepast.
Zo mogen werkgevers die in 2026 al meer dan € 0,23 per kilometer hebben vergoed en het meerdere als belast loon in de salarisadministratie hebben verwerkt, alsnog € 0,02 aanwijzen als eindheffingsloon (lees: gericht vrijgesteld uitbetalen) en eerdere aangiften loonheffingen corrigeren. In beginsel is het aanwijzen van belast loon als eindheffingsloon met terugwerkende kracht niet mogelijk, maar op dit punt lijkt dat nu toch te zijn toegestaan.
In de toelichting is verder opgenomen dat de werkgever in zo’n geval met terugwerkende kracht per 1 januari 2026 voor elk aangiftetijdvak het loon mag verlagen met € 0,02 per kilometer door de aangiften loonheffingen over die tijdvakken te corrigeren.
Daarnaast kan het voorkomen dat werkgevers in 2026 al meer dan € 0,23 per kilometer hebben vergoed, het meerdere hebben aangewezen als eindheffingsloon en al 80% eindheffing hebben betaald. Uit de toelichting blijkt dat deze werkgevers de over de € 0,02 per kilometer betaalde eindheffing mogen verrekenen in een volgende aangifte loonheffingen.
Voorts blijkt uit de toelichting dat de terugwerkende kracht ook geldt als is afgesproken dat de werknemer belast loon inlevert (cafetariaregeling) in ruil voor de netto kilometervergoeding of de verhoging daarvan. Volgens het beleidsbesluit mag de werkgever ook in dat geval eerdere aangiften loonheffingen corrigeren. Wij merken op dat het normaliter niet mogelijk is reeds genoten loon uit te ruilen, maar op grond van de toelichting lijkt ook dit toch mogelijk te zijn. Verder merken wij op dat het uitruilen van belast loon voor een hogere netto vergoeding gevolgen kan hebben voor loongerelateerde uitkeringen, toeslagen en pensioen.
Het beleidsbesluit loopt vooruit op een wetswijziging die wordt opgenomen in het Belastingplan 2027. Het beleidsbesluit vervalt automatisch per 1 januari 2027.
Op grond van deze vrijstelling is een korting voor branche-eigen producten gericht vrijgesteld als deze maximaal 20% bedraagt en in totaal niet meer dan € 500 per werknemer per jaar is. Deze vrijstelling geldt in beginsel voor iedere werknemer, ongeacht arbeidsduur of beloning, en is daarmee voor veel (winkel)bedrijven een interessante arbeidsvoorwaarde. De vrijstelling is bij de invoering van de werkkostenregeling in 2011 in eerste instantie geschrapt, maar in 2015 geherintroduceerd na een lobby van retailbedrijven. De vrijstelling lijkt met ingang van 1 januari 2027 dus (opnieuw) te sneuvelen.
1. Verhoging gerichte vrijstelling voor reiskosten naar € 0,25 per kilometer
Als tegemoetkoming in de gestegen brandstofkosten heeft het kabinet op grond van een beleidsbesluit de maximale netto reiskostenvergoeding met terugwerkende kracht per 1 januari 2026 verhoogd van € 0,23 naar € 0,25 per kilometer. Het gaat, om precies te zijn, om de verhoging van de zogeheten gerichte vrijstelling voor vergoedingen van zakelijke kilometers, inclusief woon-werkverkeer. Overigens geldt het hogere bedrag niet alleen voor reizen met de auto, maar ook voor reizen met andere vervoermiddelen, zoals de fiets.Let op: dit is een fiscale maatregel. Werkgevers zijn niet verplicht een hogere netto kilometervergoeding te betalen. Als werkgevers echter een hogere vergoeding betalen, kan dat door de verhoogde gerichte vrijstelling tot maximaal € 0,02 per zakelijk gereisde kilometer zonder inhouding van loonheffingen.
De Belastingdienst heeft in een bericht op de website aangegeven hoe de verhoging van € 0,02 met terugwerkende kracht verwerkt dient te worden in de salarisadministratie. Uit de toelichting valt op te maken dat de terugwerkende kracht ruimhartig kan worden toegepast.
Zo mogen werkgevers die in 2026 al meer dan € 0,23 per kilometer hebben vergoed en het meerdere als belast loon in de salarisadministratie hebben verwerkt, alsnog € 0,02 aanwijzen als eindheffingsloon (lees: gericht vrijgesteld uitbetalen) en eerdere aangiften loonheffingen corrigeren. In beginsel is het aanwijzen van belast loon als eindheffingsloon met terugwerkende kracht niet mogelijk, maar op dit punt lijkt dat nu toch te zijn toegestaan.
In de toelichting is verder opgenomen dat de werkgever in zo’n geval met terugwerkende kracht per 1 januari 2026 voor elk aangiftetijdvak het loon mag verlagen met € 0,02 per kilometer door de aangiften loonheffingen over die tijdvakken te corrigeren.
Daarnaast kan het voorkomen dat werkgevers in 2026 al meer dan € 0,23 per kilometer hebben vergoed, het meerdere hebben aangewezen als eindheffingsloon en al 80% eindheffing hebben betaald. Uit de toelichting blijkt dat deze werkgevers de over de € 0,02 per kilometer betaalde eindheffing mogen verrekenen in een volgende aangifte loonheffingen.
Voorts blijkt uit de toelichting dat de terugwerkende kracht ook geldt als is afgesproken dat de werknemer belast loon inlevert (cafetariaregeling) in ruil voor de netto kilometervergoeding of de verhoging daarvan. Volgens het beleidsbesluit mag de werkgever ook in dat geval eerdere aangiften loonheffingen corrigeren. Wij merken op dat het normaliter niet mogelijk is reeds genoten loon uit te ruilen, maar op grond van de toelichting lijkt ook dit toch mogelijk te zijn. Verder merken wij op dat het uitruilen van belast loon voor een hogere netto vergoeding gevolgen kan hebben voor loongerelateerde uitkeringen, toeslagen en pensioen.
Het beleidsbesluit loopt vooruit op een wetswijziging die wordt opgenomen in het Belastingplan 2027. Het beleidsbesluit vervalt automatisch per 1 januari 2027.
2. Schrappen gerichte vrijstelling voor branche-eigen producten
Als dekking voor de hierboven beschreven verruiming is een aantal maatregelen voorgesteld, waaronder een aanpassing van de werkkostenregeling. Op 23 april jongstleden is een motie aangenomen op grond waarvan een zogeheten ‘ondoelmatige’ regeling binnen de werkkostenregeling per 1 januari 2027 wordt afgeschaft. Het gaat daarbij om de gerichte vrijstelling voor branche-eigen producten. In de Miljoenennota (Prinsjesdag) zal dit nader worden toegelicht.Op grond van deze vrijstelling is een korting voor branche-eigen producten gericht vrijgesteld als deze maximaal 20% bedraagt en in totaal niet meer dan € 500 per werknemer per jaar is. Deze vrijstelling geldt in beginsel voor iedere werknemer, ongeacht arbeidsduur of beloning, en is daarmee voor veel (winkel)bedrijven een interessante arbeidsvoorwaarde. De vrijstelling is bij de invoering van de werkkostenregeling in 2011 in eerste instantie geschrapt, maar in 2015 geherintroduceerd na een lobby van retailbedrijven. De vrijstelling lijkt met ingang van 1 januari 2027 dus (opnieuw) te sneuvelen.
