In- en uitlenen van personeel: strengere regels vragen om actie
In- en uitlenen van personeel: strengere regels vragen om actie
Het in- en uitlenen van personeel gebeurt aan de lopende band. Dat gebeurt zeker niet alleen door klassieke uitzendbureaus; ook andere ondernemingen doen dit op kleinere of grotere schaal. Denk aan een IT- of consultancybedrijf dat werknemers tijdelijk bij klanten plaatst, maar ook aan zorg-, onderwijs- of maatschappelijke instellingen.
De juridische en fiscale regels rondom het ter beschikking stellen van arbeidskrachten zijn complex. Zo gelden onder meer de regels van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi). Per 1 januari 2027 komt daar de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) bij. Deze wet heeft meer impact dan veel organisaties denken en raakt zowel inleners als uitleners van personeel.
In de praktijk blijkt dat veel organisaties – soms zonder zich daarvan bewust te zijn - personeel ter beschikking stellen aan derden. Onder de Wtta kan dit ertoe leiden dat toelating verplicht is.
Wanneer geldt een uitzondering?
De Wtta kent een aantal uitzonderingen op de toelatingsplicht. Zo geldt een uitzondering voor collegiale uitleen zonder winstoogmerk. In dat geval mogen uitsluitend de loonkosten worden doorberekend, met een beperkte opslag voor indirecte kosten van naar verwachting 5%. Daarnaast is de Wtta niet van toepassing op intra-concernuitlening.
Ook kan onder voorwaarden een ontheffing van de toelatingsplicht worden verkregen als het ter beschikking stellen van arbeidskrachten slechts een zeer beperkte nevenactiviteit is. Hiervoor is vereist dat de omzet van het ter beschikking stellen van arbeidskrachten over een periode van 12 maanden minder bedraagt dan 10% van de totale omzet én niet hoger is dan € 5 miljoen.
Met de overgangsregeling kunt u onder voorwaarden blijven uitlenen totdat de NAU een besluit heeft genomen, ook als dat besluit pas na 1 januari 2028 volgt. Zonder tijdige aanvraag voor de overgangsregeling moet de registratie op 1 januari 2028 zijn geregeld. Niet-naleving kan leiden tot boetes of zelfs stillegging van het bedrijf.
Naast de juridische kant van de wetgeving zijn er ook belangrijke fiscale aspecten. Eén daarvan is de inlenersaansprakelijkheid. Deze geeft de Belastingdienst de mogelijkheid geeft om niet-betaalde loonheffingen en omzetbelasting van uitleners te innen bij inleners.
Als de uitlener is toegelaten bij de NAU, is de inlenersaansprakelijkheid automatisch van toepassing. Daarbij geldt in beginsel een bewijsvermoeden dat de inlener (of doorlener) aansprakelijk is voor 35% van de factuursom. Voor inleners is het dan ook aan te raden de juiste risicobeperkende maatregelen te nemen en alleen zaken te doen met betrouwbare, toegelaten uitleners.
Sectorindeling
Indien meer dan incidenteel wordt uitgeleend, dan kan een uitlener in een onjuiste sector zijn ingedeeld voor de premies werknemersverzekeringen. Als meer dan 15% van de loonsom samenhangt met inleen, is (ten minste) een gesplitste aansluiting vereist. De uitlener moet deze zelf aanvragen. Dit kan leiden tot een aanzienlijke verhoging van de premies en - bij onjuiste naleving – tot naheffingen vanuit de Belastingdienst.
Btw bij uitlenen van personeel
Het uitlenen van personeel kan leiden tot heffing van btw. Als de inlener een niet (volledig) aftrekgerechtigde ondernemer is, is btw-heffing niet wenselijk. In de regel wordt daarom onderzocht in hoeverre btw-heffing achterwege kan blijven.
De staatssecretaris heeft in bepaalde situaties aangegeven dat onder voorwaarden btw-heffing achterwege kan blijven. Bepaal daarom tijdig of btw-heffing aan de orde is en of optimalisatie haalbaar is.
Door tijdig te starten met de voorbereidingen, houdt u de regie over het uit- en inlenen van personeel. Heeft u vragen of wilt u weten wat de Wtta concreet betekent voor uw organisatie? Neem gerust contact op met één van onze arbeidsjuristen of loonbelastingspecialisten.
De juridische en fiscale regels rondom het ter beschikking stellen van arbeidskrachten zijn complex. Zo gelden onder meer de regels van de Wet allocatie arbeidskrachten door intermediairs (Waadi). Per 1 januari 2027 komt daar de Wet toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) bij. Deze wet heeft meer impact dan veel organisaties denken en raakt zowel inleners als uitleners van personeel.
Wat houdt de Wtta in?
Met de Wtta is het ter beschikking stellen van arbeidskrachten alleen nog toegestaan wanneer de uitlener beschikt over een toelating van de Nederlandse Autoriteit Uitleenmarkt (NAU). De Wtta ziet op alle situaties waarin werknemers onder leiding en toezicht van derden werken binnen Nederland. Dit kan dus ook gelden voor buitenlandse bedrijven die werknemers in Nederland ter beschikking stellen.In de praktijk blijkt dat veel organisaties – soms zonder zich daarvan bewust te zijn - personeel ter beschikking stellen aan derden. Onder de Wtta kan dit ertoe leiden dat toelating verplicht is.
Wanneer geldt een uitzondering?
De Wtta kent een aantal uitzonderingen op de toelatingsplicht. Zo geldt een uitzondering voor collegiale uitleen zonder winstoogmerk. In dat geval mogen uitsluitend de loonkosten worden doorberekend, met een beperkte opslag voor indirecte kosten van naar verwachting 5%. Daarnaast is de Wtta niet van toepassing op intra-concernuitlening.
Ook kan onder voorwaarden een ontheffing van de toelatingsplicht worden verkregen als het ter beschikking stellen van arbeidskrachten slechts een zeer beperkte nevenactiviteit is. Hiervoor is vereist dat de omzet van het ter beschikking stellen van arbeidskrachten over een periode van 12 maanden minder bedraagt dan 10% van de totale omzet én niet hoger is dan € 5 miljoen.
Waarom deze wet?
Het doel van de Wtta is het tegengaan van misstanden in de uitleensector en het beschermen van kwetsbare werknemers, waaronder arbeidsmigranten. Daarom gelden strikte eisen voor het verkrijgen en behouden van een toelating, zoals:- Het overleggen van een VOG voor rechtspersonen;
- Het storten van een waarborgsom van € 100.000;
- Het aantonen dat het juiste loon en de loonheffingen worden voldaan;
- Het beschikken over een inspectierapport waaruit blijkt dat aan het normenkader wordt voldaan.
Wat moet u doen als uitlener?
De Wtta treedt in werking per 1 januari 2027. Per 1 januari 2028 gaat de Arbeidsinspectie handhaven. Om op tijd geregistreerd te zijn bij de NAU, is het van belang om uw organisatie aan te melden voor de overgangsregeling tussen 1 november 2026 en 31 december 2026 en een toelating aan te vragen tussen 1 mei 2027 en 30 juni 2027.Met de overgangsregeling kunt u onder voorwaarden blijven uitlenen totdat de NAU een besluit heeft genomen, ook als dat besluit pas na 1 januari 2028 volgt. Zonder tijdige aanvraag voor de overgangsregeling moet de registratie op 1 januari 2028 zijn geregeld. Niet-naleving kan leiden tot boetes of zelfs stillegging van het bedrijf.
Wat betekent dit voor inleners?
Na 1 januari 2028 mag u geen arbeidskrachten meer inlenen van niet-toegelaten uitleners. U ontkomt dus niet aan het ondernemen van actie. Om het risico op boetes en/of een verstoring in de bedrijfsvoering te voorkomen, is het van belang om:- In een vroeg stadium na te gaan of de uitlener een toelating dan wel ontheffing heeft (of van plan is deze aan te vragen);
- Uw interne processen en contracten te herzien.
Fiscale aandachtspunten
InlenersaansprakelijkheidNaast de juridische kant van de wetgeving zijn er ook belangrijke fiscale aspecten. Eén daarvan is de inlenersaansprakelijkheid. Deze geeft de Belastingdienst de mogelijkheid geeft om niet-betaalde loonheffingen en omzetbelasting van uitleners te innen bij inleners.
Als de uitlener is toegelaten bij de NAU, is de inlenersaansprakelijkheid automatisch van toepassing. Daarbij geldt in beginsel een bewijsvermoeden dat de inlener (of doorlener) aansprakelijk is voor 35% van de factuursom. Voor inleners is het dan ook aan te raden de juiste risicobeperkende maatregelen te nemen en alleen zaken te doen met betrouwbare, toegelaten uitleners.
Sectorindeling
Indien meer dan incidenteel wordt uitgeleend, dan kan een uitlener in een onjuiste sector zijn ingedeeld voor de premies werknemersverzekeringen. Als meer dan 15% van de loonsom samenhangt met inleen, is (ten minste) een gesplitste aansluiting vereist. De uitlener moet deze zelf aanvragen. Dit kan leiden tot een aanzienlijke verhoging van de premies en - bij onjuiste naleving – tot naheffingen vanuit de Belastingdienst.
Btw bij uitlenen van personeel
Het uitlenen van personeel kan leiden tot heffing van btw. Als de inlener een niet (volledig) aftrekgerechtigde ondernemer is, is btw-heffing niet wenselijk. In de regel wordt daarom onderzocht in hoeverre btw-heffing achterwege kan blijven.
De staatssecretaris heeft in bepaalde situaties aangegeven dat onder voorwaarden btw-heffing achterwege kan blijven. Bepaal daarom tijdig of btw-heffing aan de orde is en of optimalisatie haalbaar is.
Tijdig voorbereiden voorkomt risico’s
De Wtta raakt vele tienduizenden uitlenende en inlenende bedrijven en vraagt om meer dan alleen administratieve aanpassingen. De wet heeft impact op de gehele manier van werken en kent daarbij ook de nodige fiscale aandachtspunten.Door tijdig te starten met de voorbereidingen, houdt u de regie over het uit- en inlenen van personeel. Heeft u vragen of wilt u weten wat de Wtta concreet betekent voor uw organisatie? Neem gerust contact op met één van onze arbeidsjuristen of loonbelastingspecialisten.
