BDO Nederland gebruikt cookies en trackingtechnologieën om het browser-gebruik op onze site te verbeteren, gepersonaliseerde content te tonen en traffic te analyseren. Door het gebruik van onze website, stemt u in met het gebruik van functionele cookies. Door op onderstaande button te klikken, stemt u in met analytische cookies. Lees meer over ons cookiebeleid en privacybeleid.
Artikel:

Wetsvoorstel nieuwe box-3-stelsel uitgesteld

11 mei 2020

Staatssecretaris Vijlbrief heeft op 24 april het advies van drie onafhankelijke juridische deskundigen en een notitie van het CPB over de vermogensrendementsheffing in box 3 in de periode 2013-2016 aan de Tweede Kamer aangeboden. 

De staatssecretaris geeft in de begeleidende Kamerbrief aan dat het kabinet meer tijd nodig heeft voor een kabinetsreactie. Het streven is om die reactie dit najaar aan de Kamer te sturen. Dit betekent dat het wetsvoorstel inzake aanpassing van box 3 niet zal worden ingediend vóór het zomerreces, zoals eerder wel was toegezegd. In dit perspectief vatten we het aangeboden advies kort samen. 

Aanleiding voor advies

Op 14 juni 2019 heeft de Hoge Raad een aantal arresten gewezen over de box-3-heffing in 2013 en 2014. Hierin concludeert de Hoge Raad dat deze heffing op stelselniveau in strijd is met artikel 1 van het Eerste Protocol (EP) bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens en fundamentele vrijheden (EVRM), voor zover het nominaal zonder (veel) risico’s gemiddeld haalbare rendement lager is dan 1,2%. Wat het nominaal zonder (veel) risico’s gemiddeld haalbare rendement gedurende de jaren 2013 en 2014 is geweest, moet onderzocht worden. Dit geldt eveneens voor de jaren 2015 en 2016, omdat het box 3-stelsel in die jaren ongewijzigd van toepassing was. Mogelijk hebben gedupeerden over die periode te veel belasting betaald. 

Het kabinet heeft drie onafhankelijke juridische deskundigen op het gebied van de toepassing van artikel 1 EP EVRM gevraagd advies te geven over de vraag hoe de staat moet omgaan met gedupeerden van de box-3-heffing. Daarnaast is het CPB gevraagd om aan te geven welk rendement zonder (veel) risico gemiddeld haalbaar was in de jaren 2013 tot en met 2016.

Advies juridisch deskundigen

De commissie mag er bij haar onderzoek van uitgaan dat het eenvoudig te behalen rendement in 2013-2016 lager is dan 1,2% en dat de box-3-heffing op stelselniveau inderdaad in strijd is met artikel 1 EP EVRM. 
De juridisch deskundigen concluderen dat de Nederlandse Staat dan proactief maatregelen moet nemen om benadeelden te compenseren in verband met de te veel betaalde belasting. Daarnaast moet zij voorkomen dat de benadeling in de toekomst opnieuw plaatsvindt. De compensatie bestaat dan uit het verschil tussen 1,2% en het zonder (veel) risico’s gemiddeld haalbare rendement. Dit geldt alleen voor belastingplichtigen die alle rechtsmiddelen tijdig hebben aangewend, dus die in bezwaar zijn gegaan, al dan niet collectief.

Overigens valt de beoordeling of het per 2017 gewijzigde box 3-regime in overeenstemming is met het Europees Recht buiten de scope van dit onderzoek.

Notitie CPB

In de notitie van het CPB onderzoekt het bureau het behaalde rendement op investeringen zonder (veel) risico over de jaren 2013 tot en met 2016. De Hoge Raad geeft aan dat het specifiek om behaalde rendementen op spaarrekeningen, termijndeposito’s en staatsobligaties gaat.

Bij de conclusies plaatst het CPB wel enkele kanttekeningen. De juridische context is niet eenduidig ten aanzien van de berekeningswijze van het gemiddeld haalbare rendement. Daarom geeft het CPB voor elke categorie meerdere alternatieven voor de relevante rendementen. Het is onmogelijk gebleken één percentage te berekenen dat het gemiddelde rendement weergeeft voor investeringen zonder (veel) risico. 

De rendementen zijn in de jaren 2013 tot en met 2016 gedaald, soms zelfs tot onder de 1,2%. Schematisch ziet dat er voor de jaren 2013 en 2016 als volgt uit:

Soort belegging Gemiddelde rente Gemiddelde    hoogste rente Ongewogen gemiddelde rente
  2013 2016 2013 2016 2013 2016
Spaar-rekening 1,6% 0,6% 2,1% 0,9% 1,7% 0,6%
Deposito n.v.t. n.v.t. 3,5% 1,8% 2,7% 1,3%
Obligatie 1,7% 0,7% n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.

Het is dus op dit moment de vraag of het zonder veel risico’s haalbare rendement minder dan 1,2% was. Toch heeft het er in ieder geval alle schijn van dat dit in enig jaar wel het geval was.

Meer weten over uw vermogen en box 3? 

Behoort u tot de groep belastingplichtigen waarover het in de besproken publicaties over gaat? Dan zou het kunnen zijn dat u een compensatie krijgt over de te veel betaalde belasting. Later dit jaar ontstaat hierover meer duidelijkheid. Wilt u meer weten over uw vermogen en de belastingheffing in box 3? Neem dan contact op met een van onze adviseurs.