BDO Nederland gebruikt cookies en trackingtechnologieën om het browser-gebruik op onze site te verbeteren, gepersonaliseerde content te tonen en traffic te analyseren. Door het gebruik van onze website, stemt u in met het gebruik van functionele cookies. Door op onderstaande button te klikken, stemt u in met analytische cookies. Lees meer over ons cookiebeleid en privacybeleid.
Artikel:

Slapende dienstverbanden? Wakker worden!

11 november 2019

Op 8 november 2019 heeft de Hoge Raad prejudiciële vragen beantwoord over de zogenoemde slapende dienstverbanden. Het gaat hierbij om dienstverbanden van langdurig zieke werknemers die inmiddels niet meer werken en geen recht meer hebben op loon. Veel werkgevers besloten deze slapende dienstverbanden niet te beëindigen om te voorkomen dat een transitievergoeding moest worden voldaan. De Hoge Raad oordeelt nu dat dit - in beginsel - niet is toegestaan.

Gehouden om mee te werken aan beëindiging

Wanneer er sprake is van een redelijke grond voor ontslag wegens langdurige arbeidsongeschiktheid is een werkgever gehouden om in te stemmen met het voorstel van een werknemer tot beëindiging van het dienstverband onder toekenning van een vergoeding ter hoogte van de transitievergoeding, aldus de Hoge Raad.

Gerechtvaardigd belang

Het bovenstaande is alleen anders wanneer de werkgever een gerechtvaardigd belang heeft bij instandhouding van de arbeidsovereenkomst. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan reële re-integratiemogelijkheden. Het moeten voorfinancieren van de vergoeding is in beginsel geen gerechtvaardigd belang. Bij een slechte financiële situatie kan de werkgever onder omstandigheden wel verlangen dat betaling in termijnen of pas na 1 april 2020 plaatsvindt. Vanaf 1 april 2020 zal het UWV de transitievergoeding die aan langdurig zieke werknemers wordt voldaan namelijk gaan compenseren. 

Gemaximeerde vergoeding

De Hoge Raad oordeelt verder dat werkgevers slechts verplicht zijn een vergoeding aan te bieden ter hoogte van de wettelijke transitievergoeding die verschuldigd was op het moment dat er een redelijke grond voor ontslag ontstond (doorgaans na 104 weken ziekte). De werkgever is dus niet verplicht een transitievergoeding aan te bieden voor de tijd dat het dienstverband slapend is gehouden. Hiermee komt de Hoge Raad werkgevers tegemoet, nu de compensatievergoeding van het UWV in veel gevallen ook gebaseerd is op de transitievergoeding na 104 weken ziekte.

Conclusie

Werkgevers die werknemers slapend in dienst hebben doen er goed aan zo snel mogelijk uit te zoeken of zij met deze uitspraak van de Hoge Raad verplicht zijn om deze slapende dienstverbanden te beëindigen en zo ja, welke stappen er (nog dit jaar) moeten worden gezet. Zo kunnen aanvullende problemen worden voorkomen.

Heeft u vragen over de transitievergoeding of slapende dienstverbanden? Neem dan gerust contact op met één van onze contactpersonen binnen BDO Legal.