BDO.nl maakt gebruik van cookies

De website van BDO maakt gebruik van cookies. Dit doen we om onze site persoonlijker en gebruiksvriendelijker te maken, onder andere door analyse van bezoekersgedrag. Door verder te gaan op de website gaat u akkoord met het gebruik van cookies. Lees meer over cookies op bdo.nl.
Artikel:

Pas op voor hoge premies bij min/max-contracten

06 februari 2018

Bij min/max-contracten is volgens de Minister geen sprake van een zogenaamde ‘vastgestelde omvang van de te verrichten arbeid’. Dit betekent dat in deze situaties altijd de hoge sectorpremie van toepassing is in de sectoren waarvoor een hoge en een lage premie gelden. Voor de sectoren agrarisch bedrijf, bouwbedrijf, horeca, culturele instellingen en het schildersbedrijf gelden een hoge en een lage sectorpremie (ook wel lang-kort). De verschillen tussen deze premies kunnen aanzienlijk zijn. In de sector bouwbedrijf is bijvoorbeeld het verschil tussen de hoge en de lage premie in 2018 4,44%. Het kunnen toepassen van de lage premie in plaats van de hoge premie over een loonsom van € 500.000 scheelt dan ruim € 22.000. Kortom, de moeite waard om hier eens goed naar te kijken.

Toepassing lage premie

De lage premie kan worden toegepast als sprake is van een contract voor ten minste één jaar of voor onbepaalde tijd, de betreffende werknemer niet binnen een jaar recht krijgt op een WW-uitkering én sprake is van een vastgestelde omvang van de door de werknemer te verrichten arbeid. Tot zover niets nieuws.

Wijziging doorgevoerd

Sinds 1 januari 2018 is er een wijziging doorgevoerd. Deze wijziging houdt kortgezegd (onder meer) in dat het ook mogelijk is om de omvang van de te verrichten arbeid van een jaar vast te stellen bij het toepassen van de lage premie. Hierbij is het niet nodig om die arbeid gelijkmatig over het jaar te verspreiden, wel dient het loon gelijkmatig over het jaar te worden verspreid en mag de werknemer niet binnen een jaar recht krijgen op een WW-uitkering. Een en ander moet zijn vastgelegd in een schriftelijk overeenkomst voor onbepaalde tijd.

Toelichting Minister Asscher

Bij het besluit waarin het voorgaande wordt medegedeeld heeft Minister Asscher een toelichting opgenomen. In deze toelichting wordt niet alleen ingegaan op de nieuwe regelgeving, maar ook op de bestaande regelgeving. In de praktijk blijkt veel onduidelijkheid te bestaan over de bepaling dat ‘de omvang van de door de werknemer te verrichten arbeid in een schriftelijke overeenkomst is vastgesteld’. Is het voldoende als er één uur per maand is overeengekomen en het meerdere kwalificeert als meeruren? Of geldt hiervoor een minimum van vier, zes, tien, … uren per maand of per week? Duidelijk was dat nulurencontracten niet voldoen. Ook is het niet voldoende als ‘in beginsel’ een x-aantal uren wordt gewerkt. Maar hoe zit dat met min/max-contracten? Met een minimum aantal uren lijkt sprake van in ieder geval een minimale vaste omvang. Daar denkt de minister anders over: “(…) Wijziging van de onderhavige regeling (of het Besluit Wfsv) is hiervoor niet noodzakelijk nu bij dergelijke min/max-contracten het aantal te werken uren (niet eenduidig) is vastgesteld (…)”. Dit omdat bij dergelijke contracten toch een recht op een WW-uitkering kan ontstaan voor het stukje dat werkloosheid ontstaat. Bestaat dit risico dan ook bij contracten met een vaste omvang, waarbij op regelmatige basis sprake is van meeruren? Denk aan een contract voor tien uur per week waar zeer regelmatig 40 uren worden gewerkt. Of waarbij seizoensgebonden 40 uren worden gewerkt. Onze arbeidsrechtspecialisten zien dit risico wel degelijk.

‘Maak geen gebruik meer van min/max-contracten’

Wat nu? Wij adviseren de betreffende sectoren in ieder geval geen gebruik meer te maken van min/max-contracten. Hetzelfde geldt voor contracten waarin een ‘ten minste’ of ‘in beginsel’ aantal uren wordt overeengekomen. Een vast aantal uren heeft de voorkeur. Als er incidenteel of wellicht regelmatig sprake is van meeruren, dan is in ieder geval het contract in orde. Uiteraard kan wel voor de voorgenoemde contractvormen worden gekozen, evenals het contract voor bepaalde tijd voor een periode korter dan een jaar en de nulurencontracten, maar realiseer u dan dat de werkgever de hoge sectorpremie verschuldigd is.

Meer weten?

Wilt u alles weten over de sectorpremie en de sectorindeling? Klik dan hier of neem contact op met de Adviesgroep Loon- & Premieheffing of bel 070 3380722.

Graag weten of u ‘in control’ bent met betrekking tot de loonheffingen (sectorindeling, personeel- en salarisadministratie, keten- en inlenersaansprakelijkheid, werkkostenregeling en/of subsidiemogelijkheden)? Doe dan nu de vernieuwde BDO loonheffingencheck.

Loonheffingencheck