Artikel:

HvJ zet streep door omstreden ‘Cyprusroute’

25 augustus 2020

Het Europese Hof van Justitie heeft een streep gezet door de omstreden ‘Cyprusroute’. Zij heeft besloten dat bij toepassing van de multi-stateregels in de Europese sociale zekerheidsverordening de werkgever de onderneming is die

  1. het feitelijke gezag uitoefent over de werknemer; en
  2. de overeenkomstige loonkosten  draagt; en
  3. feitelijk bevoegd is hem te ontslaan.

In deze casus had een Nederlands transportbedrijf haar chauffeurs formeel in dienst laten treden van een Cypriotisch uitzendbureau. In de praktijk bleven de chauffeurs rijden voor het Nederlandse transportbedrijf waar ze voorheen een arbeidscontract hadden en op de loonlijst stonden. Feitelijk veranderde er niets aan de situatie van de chauffeurs, in die zin dat de feitelijke leiding nog steeds werd gevoerd vanuit Nederland, de loonkosten werden gedragen door de Nederlandse onderneming en de Nederlandse onderneming nog steeds bevoegd was om de chauffeurs te ontslaan. De chauffeurs zijn allemaal inwoner van Nederland en hadden één (formele) werkgever. Zij werkten minder dan 25% van hun tijd in hun woonland.

Op basis van artikel 13 van de Europese sociale zekerheidsverordening 883/2004, zijn deze werknemers sociaal verzekerd in het land waar de werkgever is gevestigd. Omdat zij formeel een arbeidscontract hadden met een Cypriotische entiteit, was het gevolg van deze ‘constructie’ dat er sociale premies werden afgedragen in Cyprus. Omdat de sociale lasten in Cyprus significant lager zijn dan in Nederland, leverde dit een aanzienlijke besparing op voor het Nederlandse transportbedrijf ten opzichte van de situatie dat de werknemers sociaal verzekerd zouden zijn in Nederland.

Uitleg begrip ‘werkgever’

Met het stellen van prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie wenste de verwijzende rechter zekerheid te krijgen over de vraag welke partij moet worden aangemerkt als werkgever van de chauffeurs, en welke criteria in aanmerking moeten worden genomen voor het bepalen welke partij de werkgever is.

Het begrip ‘werkgever’ wordt niet gedefinieerd in de Europese sociale zekerheidsverordening en evenmin wordt hiervoor in de verordeningen verwezen naar nationale wetgevingen. In de praktijk wordt veelal uitgegaan van de formele werkgever, i.e. de partij waarmee de werknemer een arbeidsovereenkomst sluit. Hoewel dit omwille van uitvoerbaarheid een logische keuze lijkt, biedt dit ook ruimte voor planning zoals blijkt uit onderhavige casus. Door de werknemers formeel in dienst te laten treden bij een Cypriotische werkgever, kon premieheffing in Nederland worden omzeild.

Het Hof van Justitie oordeelt nu dat de werkgever van een internationaal vrachtwagenchauffeur de onderneming is die het feitelijke gezag over hem uitoefent, de overeenkomstige loonkosten draagt en feitelijk bevoegd is hem te ontslaan (een materiële benadering) en niet de onderneming waarmee die vrachtwagenchauffeur een arbeidsovereenkomst heeft gesloten (formele benadering).

Wat betekent dit voor u als werkgever?

Met de uitspraak van het Hof van Justitie is nu duidelijkheid gekomen over hoe het begrip ‘werkgever’ voor de toepassing van de multi-stateregels in de Europese sociale zekerheidsverordening moet worden uitgelegd. Hiermee behoort de ‘Cyprusroute’ tot de verleden tijd. Het zal voor werkgevers en werknemers echter niet eenvoudiger worden om vast te stellen wat de gevolgen zijn voor de sociale zekerheidspositie bij grensoverschrijdend werken. Wilt u meer informatie over loonbelasting en sociale zekerheid, neem dan contact op met onze specialisten.