Artikel:

Handvatten voor regionale bekostiging

22 november 2022

Maatschappelijke opgaven die over de grenzen van verschillende bestuurslagen spelen worden in diverse rapporten beschreven als moeizaam. Het gaat dan vaak om bekostiging, verantwoording en democratische legitimiteit. Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) had behoefte aan een rapport waarin aan de hand van praktijkvoorbeelden een zo compleet mogelijk beeld geschetst werd van de huidige situatie.

BDO heeft in opdracht van de VNG op basis van de huidige situatie, geformuleerde afwegingskaders en oplossingsgerichte verkenning de voor- en nadelen in kaart gebracht wat resulteerde tot een toekomstbestendig model. Daarbij zijn diverse interviews gehouden met betrokkenen in het veld, is een klankbordgroep samengesteld en is er gebruik gemaakt van de aanwezige brede kennis en ervaring van collega’s.

Over het rapport ‘Denkrichtingen vanuit de praktijk’

In het rapport worden diverse ontwikkelingen geschetst die tot knelpunten leiden. Zo valt onder andere op dat in de afgelopen jaren het aantal SPUK (Specifieke uitkering sport) uitkeringen is toegenomen, zowel in aantal als in volume. Het lijkt er op dat na jaren van decentralisatie het Rijk de touwtjes weer meer aantrekt. De SPUK kent immers ook een eigen verantwoordingsregime.

Ook is er een worsteling te zien tussen de wettelijke taken en regionale uitvoering. Onder andere bij de omgevingsdiensten en veiligheidsregio’s waar naast wettelijke taken sommige gemeenten ook lokale taken aan hebben toebedeeld. Daarbij speelt ook een rol dat het Rijk zelf meer ontkokerd zou moeten gaan werken. De RegioDeals worden daarbij als voorbeeld aangehaald. Fiscaliteit kan ook een issue zijn, hoewel dat aan de voorkant goed geregeld kan worden.

Belangrijk punt blijft de blijvende discussie over sturing en zeggenschap van een gemeente in een gemeenschappelijke regeling. De aangepaste Wet gemeenschappelijke regelingen (WGR) biedt mogelijkheden zoals actieve informatieplicht en versterking controlerende rol om raadsleden beter in positie te brengen, maar dat blijft een permanente zoektocht. Het instellen van een regionale adviescommissie zien wij als een belangrijke toegevoegde waarde.

Daarnaast gaan wij in -mede gebaseerd op praktijkvoorbeelden- op het ‘binnenhalen’ van (Rijks)bijdrage en het zoeken van cofinanciering. Dit kan echter afleiden tot échte opgaven waar een gemeente of regio voor staat. Het risico is dat voor de korte termijn cofinanciering wordt gevonden maar dat na afloop van het project het niet beklijfd en borging niet plaats vindt. Dat is spijtig voor het geld, de tijd en energie die er dan in gestoken is. Beter is om vanuit eigen politiek/bestuurlijke prioriteiten projecten op te zetten zodat die lokale en regionale problemen de aandacht krijgen die zij verdienen. Dan maar niet met cofinanciering maar wel met een goed resultaat dat ook meerjarig geborgd is.

Tot slot wordt als belangrijk knelpunt de financiering van meerjarenprogramma’s gezien. Zo zijn er langere termijn opgaven, zoals de energietransitie en woningbouwopgave, maar is de financiering vanuit het Rijk incidenteel. Het knelpunt is dat gemeenten daardoor terughoudend zijn in meerjarige investeringsprogramma’s terwijl die maatschappelijk wel noodzakelijk zijn. De dekking moet immers wel meerjarig zijn.

Op basis van de voorgaande knelpunten worden de volgende drie aanbevelingen geformuleerd:

  1. In de basis kan al heel veel in het huidige financieringsstelsel, het zit vooral in de toepassing. De mogelijkheden lijken niet door alle actoren optimaal te worden benut, onder andere door onbekendheid met de mogelijkheden. Dit kan ook een oplossing zijn voor het tegengaan van de toegenomen verantwoordingsdruk.
  2. De groei van versnippering aan fondsen moet een halt worden toegeroepen. Met ieder nieuw kabinet lijkt dit toe te nemen in plaats van te dalen. Door integraal naar de opgaven te kijken en die ontkokerd uit te werken, wordt de versnippering tegen gegaan.
  3. Gemeenten moeten vanuit hun maatschappelijke opgaven de afweging maken of ze ‘achter budget uit Den Haag’ gaan of juist koers houden op de geformuleerde doelen en bijbehorende budgetten. Indien het budget uit Den Haag voor een versterking zorgt, dan kan een gemeente daar voor gaan.

Meer informatie?

Wilt u meer weten over hoe u dit kunt aanpakken, het rapport ontvangen of eens uw situatie voorleggen? Neem van geheel vrijblijvend contact op met een van de specialisten. Of schuif maandag 28 november tijdens het ‘VNG-congres Gemeentefinanciën’ aan tijdens de workshop (3.8) Handvatten voor regionale bekostiging. In deze sessie bespreken adviseurs Carlijn Ritzen en Anton Revenboer op interactieve wijze het onderzoek, de knelpunten en concrete oplossingen.