Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

 

 Contact

 
  • Michael van Gijlswijk
    Michael van Gijlswijk
    (013) 46 66 222
 

 Nieuws

 
 

 Links

 
 

 Publicaties

 
 

 Evenementen

 
Home/Home/Nieuws/Lening DGA aan zijn BV geen onzakelijke lening

Lening DGA aan zijn BV geen onzakelijke lening

DGA en Familiebedrijven
30 januari 2012
In 2008 besliste de Hoge Raad dat een afwaarderingsverlies op een vordering tussen gelieerde partijen niet in aanmerking kon worden genomen indien sprake is van een geldlening met voorwaarden die een onafhankelijke derde niet zou hebben geaccepteerd. Het arrest uit 2008 riep veel vragen op. Met name bestond er veel onzekerheid over wanneer nu sprake was van een ‘onzakelijke lening’. Zou elke afwijking ten opzichte van een geldleningsovereenkomst met een onafhankelijke derde tot de kwalificatie ‘onzakelijke lening’ leiden? Dit zou zeer ernstige gevolgen hebben omdat in gelieerde verhoudingen veelvuldig schriftelijke leningsovereenkomsten ontbreken, bijzondere aflossingsafspraken worden gemaakt en weinig zekerheden worden verstrekt. Op 25 november 2011 gaf de Hoge Raad nadere uitleg en besliste onder meer dat een lening met onzakelijke voorwaarden eerst geprobeerd moet worden om via het ophogen van de rente de lening alsnog zakelijk (‘at arm’s length’) te maken. Pas als een rentecorrectie leidt tot een zodanig hoge rente dat de geldlening in wezen winstafhankelijk wordt, is sprake van een ‘onzakelijke lening’.
 
Op 13 januari 2012 verduidelijkt de Hoge Raad de ‘onzakelijke leningen’-leer. In het arrest van 13 januari 2012 was sprake van een DGA die geld heeft geleend aan zijn Holding. De geldlening was enerzijds ontstaan doordat de DGA schulden van de Holding (en de werkmaatschappij) had afgelost en anderzijds om het concern na een financiële reorganisatie weer voldoende armslag te geven. De bedragen zijn in rekening-courant geboekt en er zijn geen zekerheden bedongen. Ook is geen aflossingsschema overeengekomen. De DGA had de vordering afgewaardeerd (TBS-verlies). De Hoge Raad besliste dat de omstandigheden dat geen formele zekerheden waren gesteld, dat geen aflossingsschema is overeengekomen en dat de rente werd bijgeschreven niet per definitie leiden tot de kwalificatie ‘onzakelijke lening’. Nog steeds moet eerst beoordeeld worden of via een rentecorrectie de geldlening ‘at arm’s length’ kan worden gemaakt.
 
De uitspraak is zeer nuttig voor de praktijk. Afwaarderingsverliezen op vorderingen blijven vaker aftrekbaar. Opwaartse rentecorrecties kunnen bovendien in voorkomende gevallen voordelig zijn. Neem voor meer informatie contact op met een BDO-adviseur.
Bron :
 HR 13 januari 2012, 10/03654