Lintopdrachten overslaan
Verdergaan naar hoofdinhoud

 

 Contact

 
  • Niek de Haan
 

 Nieuws

 
 

 Links

 
 

 Publicaties

 
 

 Evenementen

 
Home/Home/Nieuws/Alsnog uitstel van betaling voor aanslag ten gevolge van exitheffing

Alsnog uitstel van betaling voor aanslag ten gevolge van exitheffing

Europees & Internationaal
30 januari 2012
Wij berichtten al in een eerder stadium over het arrest van het Europese Hof van Justitie inzake de Nederlandse exitheffing. Ondernemingen die hun feitelijke vestigingsplaats of onderneming naar een andere staat verplaatsen dienden af te rekenen over de aanwezige stille reserves en/of goodwill. November vorig jaar besliste het Hof van Justitie dat directe afrekening in strijd is met de vrijheid van vestiging, maar dat op zich de heffing over de bij emigratie aanwezige stille reserves en/of goodwill wel geoorloofd is. Met een eventueel na emigratie ontstane waardedaling hoeft geen rekening te worden gehouden.
 
Vooruitlopend op een wetswijziging op dit punt heeft de Staatssecretaris van Financiën een besluit gepubliceerd waarin de voorwaarden zijn beschreven van uitstel van betaling voor de met de exitheffing samenhangende belastingaanslagen.
 
Nu de heffing over de stille reserves en/of goodwill wel geoorloofd is, zullen de aanslagen ten gevolge van de exitheffing gehandhaafd worden. Wel is er nu op grond van het Besluit een mogelijkheid tot het verkrijgen van uitstel van betaling. Aan dit uitstel zijn de volgende voorwaarden verbonden:
  • de stille reserves in de vermogensbestanddelen waarover de aanslag is opgelegd zijn op het moment van het verlenen van uitstel van betaling (nog) niet gerealiseerd;
  • over het bedrag waarvoor uitstel van betaling is verzocht is invorderingsrente verschuldigd;
  • de Belastingdienst verlangt zekerheid voor het openstaande bedrag;
  • het uitstel wordt verleend tot het moment waarop de stille reserves en/of goodwill – volgens Nederlandse fiscale maatstaven - worden gerealiseerd. De beoordeling van de  realisatie vindt eenmaal per jaar plaats aan de hand van een aan de Belastingdienst verstrekt overzicht van de ‘niet-gerealiseerde’ vermogensbestanddelen. Wordt dit overzicht niet verstrekt, dan kan de Belastingdienst het uitstel geheel beëindigen. 
De voorwaarden voor het te verlenen uitstel van betaling vertonen veel gelijkenis met de voorwaarden zoals we deze reeds kennen voor de conserverende aanslagen in de inkomstenbelasting. Echter, de Belastingdienst kan voor EU-emigraties thans geen zekerheid meer verlangen voor de opgelegde conserverende aanslagen. Dit onderscheid is bewust door het Hof van Justitie aanvaard.
Doordat er zekerheid voor het verleende uitstel moet worden gegeven en vanwege het feit dat geëmigreerde ondernemingen nog lange tijd door de Nederlandse Belastingdienst ‘gevolgd’ kunnen worden, is het de vraag of in de praktijk veel gebruik van deze tegemoetkoming zal worden gemaakt. Aan de andere kant biedt het arrest van het Hof van Justitie en het Besluit ook fiscale planningsmogelijkheden.
 
Tot slot vallen een aantal bijzondere exitheffingen niet onder de werking van het Besluit. Te denken valt bijvoorbeeld aan eindafrekeningen ten gevolge van grensoverschrijdenden fusies en splitsingen. We moeten afwachten of de Staatssecretaris ook voor deze situaties in de komende wetswijziging voorzieningen gaat treffen of dat we weer procedures over deze exitheffingen kunnen verwachten.
 
Voor meer informatie over dit onderwerp kunt u contact opnemen met Niek de Haan. Mocht u meer willen weten over europeesrechtelijke onderwerpen, dan kunt u zich kosteloos abonneren op de nieuwsbrief van de BDO Vakgroep EU-recht via EU-recht@bdo.nl.
 
Bron :
 Besluit van de Staatssecretaris van Financiën van 14 december 2011, nr. BLKB 2011/2477M