Nederland
Voor vrij ondernemen
Skip Navigation Links Terug naar BDO HomeEnglish versionSitemapUw winkelwagen
Skip Navigation Links
InloggenExpand Inloggen
Skip Navigation Links
Vrijvallen herinvesteringsreserve omdat overeenkomst nog niet voldoende bepaalbaar was 
 

Voor boekwinsten behaald met de verkoop (vervreemding) van bedrijfsmiddelen kan onder voorwaarden een herinvesteringsreserve (HIR) worden gevormd. Deze HIR zorgt voor uitstel van belastingheffing over de boekwinst op het verkochte bedrijfsmiddel, zodat de opbrengst van het bedrijfsmiddel volledig kan worden aangewend voor de herinvestering. Een van de voorwaarden is echter dat de herinvestering moet plaatsvinden binnen drie jaar na afloop van het boekjaar waarin de verkoop plaats had (enkele uitzonderingen daar gelaten).

In een zaak die diende voor de rechtbank Arnhem had een BV een herinvesteringsreserve gevormd voor de boekwinst behaald met de verkoop van een pand in 2001. In 2004 liet de BV weten dat zij belangstelling had om een gedeelte van een terrein te kopen. Het terrein was echter verontreinigd waardoor de koop met vertraging plaatsvond. Pas in oktober 2007 werd het stuk grond notarieel geleverd aan de BV. De BV stelde dat zij in 2004 een obligatoire overeenkomst had gesloten onder de opschortende voorwaarde van afgifte van een “schone grond”-verklaring. Echter, omdat de BV niet aannemelijk had gemaakt dat in 2004, al of niet onder opschortende voorwaarde, betalingsverplichtingen waren aangegaan, was de overeenkomst volgens de Rechtbank nog niet voldoende bepaalbaar om van een verplichting te kunnen spreken. De HIR viel daarom in 2004 vrij in de winst.

Ook in een zaak die speelde bij hof Arnhem werd beslist dat een herinvesteringsreserve terecht vrijviel. In dit geval werd wegens ziekte van de directeur een assurantiekantoor verkocht. De gerealiseerde winst werd opgenomen in een vervangingsreserve (voorloper van de HIR). In 2004 was de herinvesteringstermijn verstreken en rekende de inspecteur de HIR tot de winst. Belanghebbende stelt nog dat sprake is van een bijzondere omstandigheid – burn-out van haar directeur – en verzoekt om toepassing van een uitzondering. Echter, voor toepassing van de uitzondering geldt de eis dat aan de aanschaffing van het vervangende bedrijfsmiddel een  begin van uitvoering is gegeven en daarvan was in deze zaak geen sprake.

Belang voor ondernemers:
Heeft u bij de verkoop van bedrijfsmiddelen een HIR gevormd, houdt u dan goed de termijn in de gaten en laat de mogelijkheid niet onbenut om deze faciliteit te gebruiken. Het zou in deze tijden zonde zijn als u dergelijke herinvesteringsfaciliteiten laat liggen (of in fiscale termen “vrijvallen in de winst”). Mocht u meer willen weten over de HIR of ondernemingsfaciliteiten in het algemeen, neem dan contact op met een BDO adviseur bij u in de buurt.

Bron:
Rechtbank Arnhem, 23 juni 2007, nr. 08/1525 (gepubliceerd 15 juli 2009)
Hof Arnhem, 21 juli 2009, nr. 08/00516 (gepubliceerd 24 juli 2009)
Datum:
7-8-2009 14:53