In 1992 is het lijfrenteregime aanzienlijk gewijzigd. De flexibiliteit werd veel beperkter, maar gelukkig is voorzien in een ruim overgangsrecht. Daardoor zijn er nu nog talloze zogenoemde oud regime lijfrenten, die nog kunnen worden afgewikkeld op de oude, flexibele wijze.
Rechtbank Breda heeft onlangs uitspraak gedaan over een Nederlander die inmiddels in België woonachtig is. Deze belastingplichtige heeft in het verleden in Nederland lijfrentepremies in aftrek gebracht en is vervolgens in 1998 naar België geëmigreerd. Vanaf 2004 ontvangt de belastingplichtige lijfrente-uitkeringen.
De vraag was of deze lijfrente-uitkeringen in Nederland behoren tot het belastbaar inkomen. Deze vraag is van belang, omdat België de betreffende uitkeringen nauwelijks in de belastingheffing betrekt. Het belastingverdrag tussen Nederland en België kent in een dergelijke situatie een bepaling die stelt, dat dan ook de bronstaat een heffingsbevoegdheid heeft. Om belasting te kunnen heffen is dan echter wel van belang, dat de bronstaat (i.c. Nederland) de uitkeringen wel tot het belastbaar inkomen rekent.
Daar waar de belastingdienst van mening is, dat de uitkeringen wel in Nederland belast kunnen worden, is de rechter van mening dat dit op grond van het overgangsrecht niet kan.
Voor wie van belang
Deze uitspraak kan van belang zijn voor alle uit Nederland geëmigreerde belastingplichtigen met een kapitaalverzekering met lijfrenteclausule. Volgens de Rechtbank kan Nederland hier niet meer over heffen. Bevindt u zich in deze situatie? Laat u dan hierover goed informeren en
neem contact op met uw BDO-adviseur.